Afscheid van Hugo Schorer – aardige woorden

2 december 2020

Afscheid van het Zeeuws Genootschap, 18-11-20

Graag wil ik kort reageren op de vele aardige woorden.

In 1992 ben ik lid geworden van het Zeeuws Genootschap. Wij waren toen net in Middelburg komen wonen en het was nog in de tijd dat Gerhard Sandberg je benaderde en vertelde dat je lid moest worden.  Dus braaf gedaan, maar in 1996 vertrokken wij alweer uit Zeeland, ik ben toen wel lid gebleven, maar de troebelen van eind jaren negentig zijn volledig aan mij voorbij gegaan.

In 2011 kwamen we weer terug in Zeeland en al vrij snel ben ik in het bestuur gekomen. Merkte toen pas hoe veelomvattend het Genootschap is: de vele collecties met buitengewoon betrokken en deskundige conservatoren, de werkgroepen, de commissies en de redacties. Die diversiteit maakte het bestuurswerk voor mij erg boeiend. Al gauw vergden de voorbereidingen van het 250-jarig bestaan, waar Maarten Steenbeek reeds vroeg mee begonnen was, de nodige aandacht. Die voorbereidingen werden steeds intensiever en monden tenslotte uit in het fantastische jubileum verleden jaar, toen er gelukkig nog geen Corona te bekennen was. Het jubileumjaar heeft laten zien wat een organisatie van ca 50 zeer betrokken vrijwilligers vermag. Het heeft mij werkelijk verbaasd wat je dan dankzij een enorme inzet van velen voor elkaar kunt krijgen. En dan reken ik nog niet eens de YESC-organisatie mee onder leiding van Barbara Oomen, die het Genootschap voor de Zeeuwse jeugd op de kaart heeft gezet. Het was een prachtig jaar.

Een punt wat mij al snel was opgevallen, was dat het aantal nieuwe leden dat jaarlijks toetrad vrij overzichtelijk was – om een term van Maarten te gebruiken. Ik ben blij dat het gelukt is om de daling van het ledental te stoppen en om te buigen naar een stijgende lijn. Statutair had ik nog een jaar langer in het bestuur mogen blijven, maar na het jubileum vond ik het tijd voor een nieuwe voorzitter en ik ben heel blij met Peter van Druenen als mijn opvolger.

Ik wil graag een aantal mensen bedanken, waar ik tijdens mijn bestuursperiode nauw mee heb samengewerkt.

  • In de eerste plaats mijn medebestuursleden. Ik vond de sfeer in het bestuur altijd zeer ontspannen en we hebben bij mijn weten nooit hoeven te stemmen om tot een besluit te komen.  Aan de bestuursvergaderingen bewaar ik dan ook zeer goede herinneringen. In het bijzonder wil ik Maarten Steenbeek, hier ook aanwezig, bedanken voor de plezierige samenwerking, eerst in het bestuur en daarna bij het jubileum. Maarten bedankt!
  • Dan de conservatoren, die het voor elkaar kregen dat een deel van onze collectie tot beschermd erfgoed werd verklaard, die het prachtige jubileumboek schreven en die nu weer enthousiast bezig zijn met collectie-online; dank voor de prettige samenwerking.
  • De redacties; ook hier een niet aflatende inzet voor het Genootschap met ons lijfblad, de jaarboeken en de jubileumuitgave Een Hoger Streven. Dank voor de plezierige contacten.
  • Judith, onze secretaresse, met wie ik prima kon samenwerken. Heel jammer dat ze problemen met haar gezondheid kreeg, die overigens gelukkig vrijwel voorbij zijn. Maar dan was daar Ankie van Noppen, die op cruciale momenten en voor lange tijd bereid was Judith te vervangen en dat terwijl ze al vijf jaar met pensioen was. Echt een redder in de nood.
  • Het Familiefonds Hurgronje, dat het Genootschap tijdens mijn bestuursperiode royaal met giften ondersteunde, en waarvan vele familieleden lid van het Genootschap zijn geworden.
  • Tenslotte de bruikleennemers: Marjan Ruiter van het Zeeuws Museum, Hannie Kool van het Zeeuws Archief en Wim Scholten van het Zeeuws Erfgoed en hun medewerkers. Dank voor de prettige samenwerking in een toch wat bijzondere constructie.

Graag wil ik mijn dank dat ik het Genootschap een aantal jaren heb mogen dienen, tot uitdrukking brengen met een cadeau. Het is een prent van Floor Wibaut, in het Zeeuwse vooral bekend als directeur van de Middelburgse houthandel Alberts, waar ik goede herinneringen aan heb, omdat ik als klein jongetje geheel onverantwoord over de boomstammetjes van Alberts liep, die in het water van de Herengracht lagen. De prent is in 1922 gemaakt door Engelien Reitsma-Valenca en door Wibaut zelf gesigneerd.

Het ga jullie en vooral het Genootschap allemaal goed.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.